Cheesecake met rabarberragout Ingrediënten voor een cheesecake van Ø 24 cm Voor de bodem: 65 g boter 150 g volkorenkoekjes Voor de vulling: 750 g roomkaas 250 g zure room 1 tl vanille-extract 200 g suiker een snufje zout 30 g maizena 3 eieren (formaat L) Voor het glazuur: 200 g roomkaas 100 g zure room 2-3 el suiker Voor de ragout: 150 g rabarber (met rode stengel) 70 ml water 30 g suiker 1 el rode bessenjam 20 g pistachenoten Bereiding: Verwarm de oven voor op 160 °C hetelucht. Bedek de bodem van een springvorm (Ø 24 cm) met bakpapier. Smelt de boter in een klein pannetje. Maal de koekjes zeer fijn. Voeg de gesmolten boter toe aan de koekkruimels, meng goed en druk het geheel aan op de bodem van de springvorm. Laat 10 minuten bakken, haal vervolgens uit de oven en laat afkoelen. Voor de vulling: roer de roomkaas glad. Voeg de zure room en het vanille-extract toe en meng goed. Meng de suiker, het zout en de maizena en voeg dit mengsel geleidelijk toe aan de crème van roomkaas. Voeg vervolgens de eieren stuk voor stuk toe. Verdeel de crème van roomkaas over de koekbodem. Dek de taart goed af met aluminiumfolie, plaats deze op niveau 2 en bak deze gedurende 60-70 minuten op 100 °C met het stoomprogramma. Haal de cheesecake uit de oven, verwijder de aluminium[1]folie en laat afkoelen. Voor het glazuur: roer de roomkaas, zure room en suiker tot een romig geheel en bestrijk de afgekoelde taart ermee. Dek de cheesecake af met een doek en plaats deze minimaal 4 uur in de koelkast. Voor de rabarberragout: was de rabarber, verwijder de uiteinden en snijd stukken van ongeveer 2 cm breed. Breng water en suiker kort aan de kook in een pan. Roer de bessenjam erdoor en laat zo'n 5 minuten sudderen. Voeg de rabarberstukjes toe en kook het geheel tot de gewenste bite bereikt is. Hak de pistachenoten grof en verdeel ze samen met de rabarberragout over de volledig afgekoelde cheesecake.